INSTITUTO CERVANTES BENELUX ENGLAND AND WALES

Opleiding en Training, Werving en Selectie, Management, Business Consultancy, Reizen, Vertaalservice, Tolkenservice, Public Relations, Communicatie, Publishing, Spaans in Spanje, Amerika, Ondernemerschap, Luchtvaart, Automatisering, Internet, Productions, Verzekeringen, Hotels, Bankbedrijf, Voetbal, Prinses Diana Stadion, Televisie, Onroerend goed

DE MANAGEMENTGOEROE

DE HISPANIST

DE ORGANISATIEDESKUNDIGE

DE FINANCIEEL ECONOOM

8 juli 1998. Betreft: FOUTJE Kenmerk: JH/LH980708. Beste Liesbeth, Woensdag 8 juli 1998. 00.05 uur. Het was een Freudiaanse vergissing die opmerking aan Peter dat hij zaterdag al naar Parijs kan. Nochtans is er gebeurd wat ik had voorspeld. Desalniettemin worden We toch wel Wereldkampioen. Daar hebben We geen voetballers meer voor nodig. In de Florin kreeg ik een prachtige Oranje Keizerssteek aangeboden. Van Coca Cola. Dat klinkt beter dan 'cocaïne'. Dat ben ik wel met Harry eens. Voor Abraham Mostert kwam er nog een arabier op mij af met de woorden "We worden nummer drie van de wereld". Dat geldt dan uitsluitend voor voetballen. Want Wij hebben nog wel iets meer voor de boeg. 9.20 Geen post in de postbus. Ik heb wel vastgesteld dat jij hier postbus 1070 hebt op de Neude. We zijn dus alweer buren. Ik hoop dat iemand uit de Biltstraat hier voor mijn postbus kan zorgen zodra ik weer in Noordwijk vertoef. Dat lijkt mij immers de beste optie op dit moment. Bij het burengevecht denk ik aan het gevecht met iemand in Londen: Mr Hyde versus Al Fayed. Ik wacht de reactie van de heer Van Amstel af. Ik beschouw jou en mij thans als zeer goede buren. Ruud staat er wel enigszins ongemakkelijk bij op jullie foto. Maar dat komt wel weer in orde. Bij 'bakens' denk ik automatisch aan Baak. Het boekje van Hélène en Tineke geven mij wat nieuwe inspiratie. Dat boek siert ook nog mijn boekenverzameling. Henk Lulofs heeft mij nog een exemplaar toegezonden, hetgeen mij wederom heeft geïnspireerd om jullie het boek "'t Suideras en zijn bewoners" te doen toekomen voor de bibliotheek. Erg aardig vind ik de foto op pagina 103 met Mevrouw Ruijs de Beerenbrouck-Jonkvrouwe van der Heyden van Doornenburg op het balkon van het Gouvernement van Maastricht in 1905, samen met Koningin Wilhelmina en Prins Hendrik. Naar mijn idee is de naam van jullie bedrijf van die familie afkomstig: Van Baak van Doornenburg. De eerste bewoners van het Kasteel Baak hadden 'de Baco' als familienaam. Om je weer wat nieuwe inspiratie te geven geef ik je hierbij weer een stukje familiegeschiedenis uit de middeleeuwen. Ik breng het niet in rekening. Het doet mij immers deugd dat Gijsbrecht van Amstel weer naar zijn moederstad is teruggekeerd nu Joost gevangen zit.

1. Bertholdus de Baco. Geboren: 1190. Aantekeningen: Pater Koekkoek geeft in zijn boek "De Heerlijkheid Baak" zijn visie weer over het geslacht Van Baak. Ik ben persoonlijk de indruk toegedaan dat dit een tak is van het oorspronkelijke Westfaalse riddergeslacht van Heyden, dat in die tijd tot de hoge adel behoorde. Koekkoek schrijft er het volgende over: "Eigenaars en bewoners van Huize Baak. Men zou misschien denken dat de graven van Gelre de eigenaars waren van Huize Baak, omdat zij de leenheren waren die Huize Baak in leen gaven aan de Heren van Baak. Maar de leenheren hadden maar heel weinig te zeggen over hun leengoederen; dat de leenmannen met het leengoed praktisch konden doen wat ze wilden, en dat zij daarom meestal de eigenaars genoemd werden. Veel van die eigenaars kunnen we aflezen uit de leenregisters van Gelre. Die leenregisters zijn ons echter overgeleverd vanaf 1326. Van de tijd daarvoor moeten we proberen uit andere bronnen de leenmannen te achterhalen. We weten al dat de leengoederen al heel vroeg erfelijk werden. Zodoende is zo'n leengoed generaties lang in het bezit van één geslacht. We zullen die verschillende geslachten hier even de revue laten passeren. Het geslacht (van Heyden, JH) van Baeck. Het oudst genoemde lid van dit geslacht kwamen we al tegen in 1190 in de stadsbrief van Zutphen. Dat was Bertold van Baeck. Het wordt nergens gezegd, maar ongetwijfeld zal hij ook al leenman geweest zijn van het Goet te Baeck. In de actes waarin leden van het geslacht van Baeck genoemd worden, staat maar zelden iets vermeld over familierelaties. In verschillende gevallen moeten we daar maar naar gissen. Het komt voor dat personen die "Van Baak" heten denken dat ze van het oude geslacht "Van Baeck" afstammen. Nu is dat niet onmogelijk. In 1476 sterft het geslacht wel uit in Baak, maar het zou kunnen dat er elders nog takken van die familie voorkwamen die tot in onze tijd zijn blijven voortbestaan. Dat lijkt me echter nogal onwaarschijnlijk, want in de tijd na de dood van Evert van Baeck, de laatste heer van Baak uit dit geslacht, worden nog wel eens Van Baecks genoemd, maar uit de omstandigheden blijkt dan wel dat dit zeer waarschijnlijk geen leden zijn van het oude geslacht van Huize Baak. Er werden ook wel mensen "Van Baeck" genoemd simpel omdat ze uit Baak kwamen. Zo lezen we in de stadsrekeningen van Arnhem over het boekjaar 1354-1355 dat Hendrick van Baak (Henricus de Baec) 7 dagen gewerkt heeft aan de stadsmuren. Dat leverde hem 17 braspenningen per dag op ofwel samen 39 stuivers en 9 penningen. In datzelfde boekjaar werkte hij ook nog aan de Sint Janspoort, de Rijnpoort en de Velperpoort. Het geslacht Van Baeck (van Huize Baak) was geen roemrijk geslacht als de Bronkhorsten, de Heeckerens, de Van Keppels, etc.. Toch waren de Van Baecks niet onaanzienlijk, al hing dat voor ieder apart natuurlijk sterk af van persoonlijke capaciteiten. Sommige "Van Baecks" worden ridder genoemd, de meeste worden echter aangeduid met "knape" of "famulus" d.w.z. dat ze in zeker dienstverband stonden tot de graaf of hertog van Gelre. In het eerste hoofdstuk hebben we Willem van Baak (de Oude) al even besproken als een van de Van Baecks die het ver gebracht hebben. Ik wil hier nog enkele andere leden van dit geslacht bespreken. Als er in adellijke geslachten te veel jongens geboren werden, (te veel in verband met de erfopvolging bijvoorbeeld) dan werd er in de middeleeuwen wel eens een van hen naar een klooster of domschool gebracht; die moest dan maar monnik of priester worden. Ook gebeurde het natuurlijk wel dat er een of ander uit eigen beweging voor de geestelijke stand koos. Vanwege hun afkomst hadden ze dan vaak ook meer kans op promotie. Ook onder Van Baecks vinden we enkele geestelijken die het iets verder gebracht hebben dan een eenvoudige monnik of plattelandspastoor." Research: Pater Jan Koekkoek C.S.Sp. - De Heerlijkheid Baak - Geschiedenis van een Achterhoeks dorp - Uitg. Stichting Baak 800 i.s.m. Staring Instituut: "Waarschijnlijk stamt het geslacht van Hackfort af van het geslacht van Baeck. Dat blijkt uit het volgende: in 1322 verkopen Willem, heer van Bronkhorst, en zijn vrouw Johanna, aan Jacob van der Weelle het goed te Hacforte. De Weelle is wel het goed "de (halve) Welle" in de Bakerweerd. In de leenregisters van Gelre wordt vanaf 1405 Jacob van Hackfort genoemd als leenman van de halve Welle. In oorkonden van 1359 en 1369 wordt genoemd een "Gheryd van Bake, geheten van Hacvorde". Deze Gheryd is waarschijnlijk een kleinzoon van de eerstgenoemde Jacob van Hacfort. Dat het geslacht Van Hackfort een loot is van het geslacht Van Baeck wordt nog bevestigd door het feit dat deze twee geslachten hetzelfde wapen hebben nl. een blauwe dwarsbalk op een zilveren veld (JH: Het wapen van Heyden bestaat uit drie blauwe dwarsbalken op een zilveren veld, hetgeen een aanwijzing is dat de Van Baecks en Van Hackforts beide loten zijn van de familie Van Heyden). Bij de behandeling van de Brandsenborg zullen we nog zien dat ook het geslacht Van Brandsenborg waarschijnlijk ontsproten is aan het geslacht Van Baeck."

Echtgenote: N. N. Kinderen: EGIDIUS en Bertold. 1.1 EGIDIUS van Baak. Geboren: circa 1282. Beroep: Beleend 1231, 1241, 1243, 1258. Aantekeningen: Koekkoek schrijft over EGIDIUS: "In het begin van de 14e eeuw treffen we een zekere EGIDIUS (AEGIDIUS) van Baeck aan (Grieks AEGIDIUS Heythenon, JH). Hij was omtrent 1282 geboren. In 1305 werd hij "rector" (pastoor) van de kerk van Herwen (tussen Elten, Doornenburg, Bylandt, JH). Hij was toen nog geen priester, (zelfs waarschijnlijk nog geen diaken of subdiaken). Hij kon dus zelf het pastoorsambt niet uitoefenen. Aan het pastoorsambt te Herwen was waarschijnlijk een goed jaargeld verbonden. EGIDIUS zal het pastoorsambt hebben laten waarnemen door iemand die wel priester was, en die van hem een niet al te groot jaargeld kreeg, zodat er voor hem nog een aardig bedrag overschoot. Volgens het 2e Concilie van Lyon moest iemand die aan het hoofd van een parochie stond minstens 25 jaar zijn, hij moest in die parochie wonen; en als hij geen priester was moest hij zich binnen een jaar priester laten wijden. In 1309 schrijft EGIDIUS een brief aan paus Clemens V. Hij is ondertussen subdiaken en diaken gewijd, en hij heeft nu ook de vereiste leeftijd. Hij vraagt nu aan de paus om de inkomsten van het pastoorsambt te Herwen te mogen houden. (Die hij eigenlijk onrechtmatig verkregen had omdat hij niet aan de vereiste voorwaarden voldeed). Die inkomsten heeft hij overigens gebruikt voor zijn studie van het kerkelijk recht in Rome, schreef hij. Paus Clemens, die sinds kort in Avignon woonde, schreef hem een brief terug waarin hij toestond dat EGIDIUS het geld behield. Hij mocht ook pastoor van Herwen blijven mits hij zich binnen een jaar liet wijden. Dat heeft hij waarschijnlijk ook gedaan. Waarschijnlijk door zijn studie van het kerkelijk recht, en ook door zijn goede komaf kwam hij spoedig hogerop. In 1319 blijkt hij kanunnik te zijn van de dom te Utrecht. "Prelaten en kapittel van de stad Utrecht, abt en convent van de Sint Paulusabdij en commandeurs en broeders van de Duitse Orde" berichten dan aan de paus dat zij de kanunniken EGIDIUS van Bake en Henricus Vrenke benoemen tot hun vertegenwoordigers tegenover Reynald van Gelre en een aantal ridders en "knapen" uit Gelderland. De graaf van Gelre met zijn aanhang wilde de vrijheid van de bisschop van Utrecht inperken. Genoemde brief was de geloofsbrief van EGIDIUS voor zijn bezoek aan de paus. Het feit dat hij in Rome kerkelijk recht gestudeerd had en ook bij de Romeinse Curie geweest was kwam hem nu goed te pas. Hij had bij dit bezoek van zijn bisschop, Frederik van Zyrik, (1317-1322) 3000 florijnen meegekregen die deze nog aan de paus moest betalen. Hoe deze zending van EGIDIUS naar de paus is afgelopen wordt niet vermeld. Op 15 october 1321 is EGIDIUS weer in Avignon bij het pauselijk hof. Nu als getuige bij een scheidsgerecht voor kardinaal Napoleon Orsini tussen de domproost van Utrecht en de procureur van de bisschop. EGIDIUS speelt ook nog een belangrijke rol in de onenigheid bij de benoeming van een nieuwe bisschop van Utrecht na de dood van Frederik van Zyrik op 20 juli 1322. In het kort even de verwikkelingen die volgden: Op 27 juli 1322 komt het kapittel van Utrecht bijeen om de nieuwe bisschop te kiezen. Willem III van Holland is met een gewapende macht in de stad om de kanunniken onder druk te zetten om zijn candidaat Jacobus van Suden te kiezen. Het kapittel kiest echter met 38 tegen 2 stemmen Jacobus van Oudshoorn. Ook EGIDIUS heeft voor deze gestemd. De aartsbisschop van Keulen (waar Utrecht onder viel) bevestigt deze keuze, en ook de paus maakt geen bezwaar, ofschoon hij in 1317 nog verklaard had dat de bevestiging aan hem toekwam. Maar op 24 september 1322 verklaart hij, op aandringen van Jacobus van Suden, dat hij zich de benoeming van de bisschop van Utrecht voorbehoudt. 21 october 1322: Jacobus van Outshoorn overlijdt. De kanunniken kiezen nu de anti-Hollandse candidaat Jan van Bronkhorst. Deze wordt ook weer door de aartsbisschop van Keulen bevestigd. Daarop weet Willem III van Holland met steun van de hertog van Brabant, de graaf van Gelre en Robert van Sicilië, te bewerken dat de paus een kandidaat benoemt die hen welgevallig is. Op 8 november 1322 benoemt de paus Jan van Diest (proost van Kamerijk, geen priester) tot bisschop van Utrecht. Jan van Bronkhorst laat het er niet bij zitten. Hij benoemt EGIDIUS van Baak tot zijn zaakwaarnemer bij de aartsbisschop van Keulen. EGIDIUS gaat dan naar Keulen om bij de aartsbisschop een beroep op de paus in te dienen. Uiteindelijk moeten Jan van Bronkhorst en het kapittel zich toch neerleggen bij de benoeming van Jan van Diest. Nog één keer zien we EGIDIUS bij het pauselijk hof in Avignon, nu om de benoeming van een kanunnik te regelen. Dan is zijn rol in Utrecht enigszins uitgespeeld omdat hij een tegenstander was geweest van de benoeming van bisschop Jan van Diest. En die zou tot 1340 bisschop blijven." Research: Pater Jan Koekkoek C.S.Sp. - De Heerlijkheid Baak - Geschiedenis van een Achterhoeks dorp - Uitg. Stichting Baak 800 i.s.m. Staring Instituut.

Echtgenote: N. N. Kinderen: Jorden, Gerard, Bertold, Willem, EGIDIUS.

1.1.1 Jorden van Baak. Beroep: Beleend 1326. Echtgenote: N. N. Kinderen: Jorden, Diderick. 1.1.1.1 Jorden van Baak. Beroep: beleend 1326. Kinderen: Jorden, Willem, Gerardus, EGIDIUS. 1.1.1.1.1 Jorden van Baak. Beleend 1378, 1405. Kinderen: Willem, Aleijt. 1.1.1.1.1.1 Willem van Baak (de jongere) Beroep: Beleend 1417, 1424. Echtgenote: Agnes Kreijnck. Beroep: Beleend met Baak 1476. Kinderen: Evert, Margriet. 1.1.1.1.1.1.1 Evert van Baak. Beleend 1457, 1466, 1473. 1.1.1.1.1.1.2 Margriet van Baak. Beleend 1454. 1.1.1.1.1.2 Aleijt van Baak. Beleend 1447, 1459. Echtgenoot: Henrick van Hoevelwijk. Kind: Jorden. 1.1.1.1.1.2.1 Jorden van Hoevelwijk. Beleend 1478. 1.1.1.1.2 Willem van Baak. Beleend 1395, 1418. Echtgenote: Lutgart van Dorth. 1.1.1.1.3 Gerardus van Baak. Beleend 1364. Gerardus van Baeck is in 1364 kanunnik van de Sint Pieterskerk in Utrecht. Hij wordt nog eens genoemd in 1371. 1.1.1.1.4 EGIDIUS van Baak. Beleend 1355, 1390. "In 1390 duikt er weer een EGIDIUS van Baeck op. Paus Bonifatius IX verleent hem dan een kanonikaat en een prebende in de Sint Clemenskerk van Steenwijk. Deze zou dezelfde kunnen zijn als die van 1366, al staat er niet bij dat hij monnik is van het klooster Bethlehem." 1.1.1.2 Diderick van Baak. Beleend 1346, 1349, 1361. "In 1346 komen we weer een lid van het geslacht van Baeck tegen die tot de geestelijke stand behoort, namelijk Theodoricus (of Diederick of Dirck) van Baeck. Hij blijkt dan pastoor van Steenderen te zijn. Een jaar later is hij proost van het klooster Bethlehem bij Doetinchem. Als zodanig wordt hij nog enkele keren genoemd, het laatst in 1361. In 1396 verkoopt ene Dyderick van Baeck, met instemming van zijn zonen Frederik en Everd (anderen lezen Guerd in plaats van Everd), het goed de Ulenpas aan Herman Ruwenoirt. Dyderick had dit geërfd van zijn broer Wolter. Mogelijk zijn deze Dyderick en zijn zoons dezelfde als die voorkomen in een acte uit 1365, waarin Diderick van Baeck met Elsebe zijn vrouw en Frederick, Evert en Aleyd hun kinderen, een paar horigen overdragen aan het H. Kruis in Groenlo." (Dat waren nog eens tijden, JH). 1.1.2 Gerard van Baak. Geboren: 1295. 1.1.3 Bertold van Baak. Geboren: 1295. 1.1.4 Willem van Baak. Geboren: 1295. "In het eerste hoofdstuk hebben we Willem van Baeck (de Oude) al genoemd als een van de meest prominente figuren van het geslacht Van Baeck. Er zijn echter verschillende Willems van Baeck geweest, onder andere Willem van Baeck de Jonge, die ook voorkomt in het schema van het geslacht Van Baeck. Bij de vermelding van Willem van Baeck is het niet altijd duidelijk over welke Willem het gaat. Bij een vredesovereenkomst tussen de Heeckerens en de Bronckhorsten op 2 februari 1375 zijn een Jorden en een Willem van Baeck aanwezig. deze twee worden nog vaker samen genoemd. Het zijn waarschijnlijk broers, waarvan Jorden de oudste is. Hun vader is ook een Jorden. Mogelijk is deze Willem de Willem de Oude." 1.1.5 EGIDIUS van Baak. "In 1366 treffen we weer een EGIDIUS van Baeck aan die tot de geestelijke stand behoort. Hij is dan kanunnik van het klooster Bethlehem. Dit zal wel niet dezelfde zijn als de bovengenoemde, want dan zou hij 88 jaar moeten zijn." 1.2 Bertold van Baak. Beleend 1241, 1243,1258."

Naar mijn idee behoort dit verhaal ook tot De geschiedenis van de Baak. Ik heb van Yvonne begrepen dat de heer Charles Maitland af en toe bij jou op bezoek komt. Deze informatie draag ik dus graag aan hem op. Vooral nu Paars II gestalte heeft gekregen en wederom een goede combinatie vormt met Oranje volgens Eddy Poelman gisteravond op de televisie. Ook lijkt het mij zinvol dat mijn gele kapitein de bakens verzet door bij jou een cursus te gaan volgen (herscholing), ook al gaat hij tijdelijk in salaris achteruit. Als hij zijn Mercedes verkoopt kan hij in de toekomst altijd nog met de 'Lovers-express' naar Noordwijk rijden, zodra mijn bedrijf in jouw bungalow is gevestigd. Dan kan hij ook aan de Baak-kring deelnemen. Dit is een goede suggestie van de astroloog. Als ik aan 'buren' denk, denk ik automatisch ook aan mijn voormalige buren in Maarn. Dit in verband met de advocatuur. In de Telegraaf van gisteren las ik namelijk dat het niet is toegestaan dat een advocaat tegenstrijdige belangen dient in het artikel 'Moskowicz diende twee belangen'. Het artikel meldt dat de Amsterdamse deken van de Orde van Advocaten, mr. J.W. Hamming, bij de Raad van Discipline de advocaat mr. Abraham Moszkowicz ervan beschuldigt dat hij in een zaak tegenstrijdige belangen heeft gediend. Dat was ook het geval met mijn advocaat, Mr. Berculo, ten tijde van het proces tegen mijn voormalige zakelijke 'partners'. Mr. Berculo diende zowel de belangen van de heer Neuman, zijn zoon (in feite) en mij. Achteraf is gebleken dat de belangen van de heer Neuman zwaarder wogen dan die van mij. Ten gevolge van de fouten van de heer Neuman heb ik immers het bestuur van onze Stoom Boot Onderneming moeten verlaten. Het is in de familie wel vaker voorgekomen dat wij zijn opgelicht. Zo lees ik in "De Heerlijkheid Baak" van Pater Koekkoek ook een interessant verhaal met betrekking tot de nalatenschap van de Hoogwelgeboren Jonkheer Ernestus Wilhelmus Franciscus Canisius van der Heyden Geboren: 28 mei 1813 te Huis Baak en overleden op 21 juli, eveneens op Huis Baak op welke merkwaardige wijze een groot deel van het familiekapitaal in handen is gekomen van de Rooms Katholieke Kerk en wel met de volgende woorden:

"Weer een nieuwe kerk in Baak. Pastoor Joannes van den Bosch stierf in Baak 24 december 1887. Zijn opvolger was Antonius Bernardus van den Bosch, die tot die tijd pastoor van Steenderen was geweest. Hij zou de bouwheer worden van de tegenwoordige kerk van Baak. We gaan daarvoor even terug in de geschiedenis. 1 juli 1868 stierf de laatste Van der Heijden van Baak, namelijk Ernestus Willem Franciscus Canisius Van der Heijden. Op 10 juli 1868 had hij een testament gemaakt waarin o.a. bepaald was dat 1. aan de R.C. Kerk van Baak jaarlijks 320 gl. uitgekeerd moest worden, vrij van rechten,
2. voor de reparatie van de toren van de kerk van Baak 1500 gl. gegeven moest worden, eveneens vrij van rechten. Maar op 21 juli 1868 wordt een nieuw testament gemaakt waarin staat dat in plaats van de genoemde legaten uit het juist genoemde testament aan de R.C. Kerk van Baak een legaat van 50.000 gld. vermaakt wordt, vrij van rechten. Het testament was getekend op Huize Baak; het testament was ondertekend door G.J. van Tricht, de notaris, en door de getuigen G.D. Glaudemans en J. Grotenbreg. G.D. Glaudemans was de kapelaan van Baak, en J. Grotenbreg was de tuinman van Huize Baak. Over dit laatste testament gaat het volgende verhaal: Toen de notaris het testament voorlas zou de kapelaan de Heer van Baak ondersteund hebben zodat hij enigszins rechtop zat. De notaris zou voorgelezen hebben: ".... aan de R.C. Kerk van Baak 5000 gl. vrij van rechten." Bij het horen hiervan zou de kapelaan gezegd hebben: "Mijnheer, het was toch 50.000 gl.?" Daarbij zou hij met zijn hand ervoor gezorgd hebben dat het hoofd van de Heer een knikkende beweging maakte. Daarop zou de notaris het getal 50.000 genoteerd hebben." Aangaande deze zaak meldt Koekkoek tevens: "Op 10 juli 1868 maakt ook Ernest Willem Franciscus een nieuw testament. daarin staat het volgende:

1. Aan de R.C. Kerk te Baak jaarlijks 320 gld. 2. voor reparatie van de toren van deze kerk 1500 gld. 3. aan de Roomse armen van Baak jaarlijks 100 gld. 4. aan de pastoor van Baak jaarlijks 125 gld. 5. aan de R.C. Kerk van Hengelo jaarlijks 80 gld. 6. aan de Roomse armen van Hengelo 50 gld. 7. aan de Roomse armen van Keyenburg 50 gld. 8. de Kooi met toebehoren onder Beltrum en Silvolde aan nicht Engelbartha van Middachten, 9. van de rest de helft aan nicht Matilde von Wintgen, en de andere helft aan nicht Richmonde van Middachten. Op 21 juli maakt hij echter een nieuw testament, dat in hoofdzaak hetzelfde is als het vorige. Alleen komt in plaats van de nummers 1 en 2 een legaat aan de Kerk van Baak van 50.000 gld., vrij van rechten, een jaar na overlijden te betalen. (Van dit geld werd in 1890 de grote nieuwe kerk gebouwd.) Ernest Willem Franciscus van der Heijden overleed nog diezelfde dag." Waarvan akte, Nijmegen 8 februari 1996.

Dit behoort ook nog tot de geschiedenis van (de) Baak en haar filosofie. Ik kan mij in dat verband toch nog wel enigszins verplaatsen in de Ierse Oranjemannen. Zeker nu ons tegen Brazilië op het laatste moment ook nog een terechte strafschop is onthouden. In dat verband las ik ook nog een artikel over mijn laatste rustplaats in de Telegraaf: 'Diana ligt op hondenkerkhof. Wellicht is dit aanleiding om haar laatste rustplaats alsnog in Westminster Abbey of St. George's Chapel te creëren. Dan vind ik mijn laatste rustplaats wellicht toch nog in Wassenaar of nabije omgeving. Bij voorkeur over een jaar of vijftig. Want zoals ik nu tegen de advocatuur aankijk dient de heer Van Amstel geen tegenstrijdig belang aangaande mijn zaak. Hij kan wat mij betreft nu dus als een 'Jeckyll' aan het werk voor 'Mr Hyde'. Er is dus weer werk aan de winkel van sinkel. Ik ben benieuwd of de poes Marmelade het goed zou hebben kunnen vinden met de poedels Spaghetti en Macaroni. Ik denk dat ik binnenkort ook maar eens met die bisschop in Petersborough ga praten. Ik weet daar nu de weg en binnenkort staat er ook een nieuwe Petersburcht in het Bois de Boulogne.

Dat noem ik dan bij voorkeur Chateâu de St. Pierre. Ik heb gisteravond nog verklaard: "Next station will be Victoria Station again". Niet ver van Harrods. Het hooggerechtshof heb ik inmiddels ook gevonden in de buurt van Fleet Street.

We kunnen nu ook beschikken over nieuwe helikopters, want Guus Hiddink heeft ze niet meer nodig en Mohamed kan er nu ook nog wel een paar missen. Op zijn minst zijn Chopper. Paars II kan in juli dus beginnen. Alleen moet het probleem van de naam nog worden opgelost. Dus ook Van Mierlo kan nu écht aan de Slag. Want ik voel er weinig voor om op 1 september op straat te staan. Er zal nu toch iemand moeten zijn die medeverantwoordelijkheid durft te nemen. Ik kan immers niet alles alléén. Er is nu een accoord over geld voor een nieuw kabinet. Nu zijn Wij aan de beurt.

Over de grenzen heen
Terwijl ik via BBC2 de cricketwedstrijd in Warwickshire volg, met de naam NatWest in het gras geprojecteert, lees ik jullie hoofdstuk Over de grenzen heen. Wederom zeer inspirerend. Ik citeer Ondernemers voor ondernemers. Dit is een fantastisch idee. Ik merk op dat er geen contacten zijn met Spaanstalige organisaties. Dit biedt dus ongekende samenwerkingsmogelijkheden tussen jouw en mijn bedrijf. Ik heb dus niet voor niets op jou gebouwd. Het vormt een perfecte basis voor een huwelijk tussen de Baak en Instituto Cervantes Holding Ltd. Hoewel wij niet zijn getrouwd is dit wel een bewijs van perfecte trouw aan elkaar. Onder alle omstandigheden. Nu Oranje zich zo geweldig heeft gemanifesteerd op het wereldtoneel zal de aandacht van de Zuid-Amerikaanse landen voor Nederland nog sterker toenemen. Het is dus van levensbelang dat de start van de organisatie thans plaatsgrijpt. Daarom herhaal ik: I started the process and created the conditions. That process is still going on. Vanmiddag kreeg ik een bod van Hfl. 190.000,- op mijn 'studio' en aanvaarding per 1 september. Het wordt morgen dus een Historische Dag. Ondanks het foutje. WITH LOVE.
P.S. Op het dakterras van mijn huis kan óók een heli landen. Een Chopper bij voorkeur, want ik rijd niet graag door een tunnel, tenzij het een intelligente auto betreft. Een leuk thema voor volgende week donderdag.

8 JULI 1998 HISTORISCHE DAG

INSTITUTO CERVANTES BENELUX is legally registered at the Benelux Trade Registrar under deposit numbers 0508277 and 843323 in class 41: education, trainings and courses and is a tradename of the Foundation Cervantes Benelux in Nijmegen, registered under number 41211928 of the Chamber of Commerce of Amsterdam (IBAN: NL91INGB0004729266 BIC: INGBNL2A). Instituto Cervantes Limited is registered for England and Wales under Company No. 3300636 at Companies House, Cardiff.

INSTITUTO CERVANTES BENELUX está legalmente depositado como marca comercial en el registro de marcas del Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom bajo los números de depósito 0508277 y 843323 en clase 41: educación, enseñanza y cursos y es un nombre comercial de la Fundación Stichting Cervantes Benelux en Nimega, inscrito bajo número 41211928 de la Cámara de Comercios en Amsterdam (IBAN: NL91INGB0004729266 BIC: INGBNL2A). Instituto Cervantes Limited is registered for England and Wales under Company No. 3300636 at Companies House Cardiff.

INSTITUTO CERVANTES BENELUX is als handelsmerk wettig gedeponeerd bij het Benelux Bureau voor de Intellectuele Eigendom onder depotnummers 0508277 en 843323 in klasse 41: onderwijs, opleidingen en cursussen en is een handelsnaam van de Stichting Cervantes Benelux te Nijmegen, ingeschreven onder nummer 41211928 van de Kamer van Koophandel te Amsterdam (IBAN: NL91INGB0004729266 BIC: INGBNL2A). Instituto Cervantes Limited is registered for England and Wales under Company No. 3300636 at Companies House, Cardiff.

ALLE RECHTEN VOORBEHOUDEN